Algemeen Activiteiten Lidmaatschap Veiligheid Nieuws

Oorsprong en ontwikkeling van de kermis 

Slecht is het dorpje, waar en wis,
waar het niet ééns kermis is;
Kermis. Kermis moet er wezen,
kermis moet ook zijn geprezen.
Want de ware kermisvreugd
maakt den mensch eerst regt verheugd!

bovak/geschieddraaimolen-zw.gif
   

Over de oorsprong van de kermis bestaan diverse versies. Een houdt het erop, dat de kermis in de Romeinse tijd is ontstaan. Een ander wil, dat de eertijds met veel luister gevierde sterfdag van de patroon van een parochie, derhalve een zuiver kerkelijk feest, de voorloper van de huidige kermis is. Zonder ons in de vraag te verdiepen welke de juiste versie is, geloven wij dat er voor beide veel te zeggen valt.


Romeinen

De Romeinen gaven de in onze streken wonende stammen toestemming om een soort jaarmarkt te houden. Het Romeinse woord voor dit evenement, Forum, is duidelijk stamverwant met het Franse Foire of het Engelse Fair voor kermis.
Tal van mensen uit een bepaalde streek kwamen naar het Forum om elkaar te ontmoeten en om inkopen te doen. Ambulante handelaars boden hun waren aan. Zo'n jaarmarkt trok ook standwerkers en niet te vergeten straatartiesten aan. Hierin valt het element jaarmarkt/kermis te ontdekken.


Patroonheiligen

Dit is ook het geval met de middeleeuwse feesten bij gelegenheid van verjaardagen van patroonheiligen of van de wijding van een kerk. Die plechtigheden gingen gepaard met handel rond het kerkgebouw en optredens van toneelspelers, zang- en muziekgroepen.
Niet zelden kwamen er processies aan te pas. De kerkmis werd een kerkelijk én wereldlijk feest. Van de kerkmis naar kermis was tenslotte maar één stap.
In het zuiden van Nederland, met name in Limburg, leeft de oorsprong van de kermis nog voort in tal van zomerkermissen, die gepaard gaan met processies. Zodra die zijn uitgetrokken, gaat de kermis van start.


Transport

We laten de historie verder maar rusten en maken een forse sprong naar de jaren 1820 - 1870. Van bestrate wegen was toen nog geen sprake. Dit bemoeilijkte het transport over de weg van kermisvermakelijkheden. De ondernemers wisten daar overigens wel raad mee, want de vaarwegen boden uitkomst. Het vervoer geschiedde toen in hoofdzaak per schuit en schip.
Na de verbetering van de wegen in de jaren na 1870 konden de kermisattracties over de weg vervoerd worden. Met paard en wagen uiteraard.
Afgaande op geschiedkundige gegevens bestonden de eerste kermisinrichtingen uit reizende menagerieën, kijkwerken en exotische dieren, waaronder artiestenshows van muzikanten, dierentemmers en niet te vergeten de magische slangenbezweerders.


Evolutie draaimolen

Aan de basis van de eerste mechanische vermaakzaak op de kermis heeft ontegenzeglijk de draaimolen gestaan. Op haar principe berusten de meest moderne attracties van nu.
De grote evolutie die de draaimolen heeft doorgemaakt, is het waard om nader bekeken te worden. Aangenomen wordt dat de carrousel ontstaan is uit de tol.
Samen met de schommel was dit speeltuig de enige vorm van vermaak bij onze voorvaderen. In speeltuinen uit die tijd waren draaiende tollen bijzonder populair. De omvorming van tol naar draaimolen bleek mogelijk door middel van enkele kruisbalken, waaraan touwen zaten en waardoor het genot van een carrousel binnen handbereik lag. De draaimolen, zij het erg primitief, was geboren. Vier liefhebbers van dit vermaak pakten touwen beet, liepen snel in het rond totdat zij in de lucht zweefden. Door de mast later te overkruisen met meerdere balken trad een verbetering van de eerste amusementsinrichting in.
Toen door de toeloop der "cliëntèle", verandering dringend noodzakelijjk werd en de bezoekers minder krachtinspannning eisten, was het logisch dat aan de afhangende touwen een vloer werd vastgemaakt. Later liet men paarden deze volgeladen molen (de bezoekers stonden toen nog op de vloer) in beweging brengen door een balk te duwen. Omstreeks 1700 waren vele van deze draaimolens in gebruik.
In de 19e eeuw ontstonden steeds mooiere draaimolens met prachtig decorwerk.


Elektriciteit

Intussen kwamen de nieuwe ideeën vanuit Amerika naar Europa en werden de gaslampen vervangen door elektrische verlichting.
Bij de kermiszaken kwamen toen al vlug stoomlocobomielen, die niet alleen voor stroom zorgden maar ook de wagens van de ene kermis naar de andere trokken.
In de jaren 1900 kwam dan ook de eerste reizende bioscoop op de kermissen met een locomobiel voor de stroomvoorzieningen. Maar het filmapparaat werd nog steeds met de hand gedraaid en als de operateur eens moe werd gingen de beelden vervlakken.
We slaan nu enkele tientallen jaren over en zien dan mede door de uitvinding van electriciteit grote omwentelingen op kermisgebied.
De cake walk (één der oudste zaken), de achtbaan, in 1927 de eerste autoscooter (botsautootjes), schiettent, stoomcarrousel, theater en zweefmolen zag men overal verschijnen. In Duitsland kwamen fabrieken die zich speciaal bezig hielden met de constructie van kermisattracties en uiteraard ook nevenbedrijven zoals decoratieschilders, beeldhouwers voor de façades en niet te vergeten de orgelbouwers, die ook de muziekboeken leverden.


Lunapark

Het eerste permanente lunapark deed zijn intrede in 1928. Het verscheen op de Nederlandse Nijverheidstentoonstelling, Nenyto genaamd, en dankte min of meer zijn ontstaan aan de rivaliteit tussen Amsterdam en Rotterdam. De eerste stad beleefde een grote Olympiade.
De tweede wilde niet achterblijven en zette de Nenyto op touw Een drie maanden durende tentoonstelling met als speciaal evenement: een permanente kermis ofwel Lunapark.
bovak/geschiedhistorie1.jpg
Zij gaf de volgende attracties te zien: Helling-Achtbaan, diverse andere zaken en een mini treintje in Oberbayernstijl getrokken door een stoomlocomotief. Met dit gezellige vervoermiddel konden de tentoonstellingbezoekers een trip maken over het gehele complex. Het werd een doorslaand succes.

Het eerste permanente lunapark deed zijn intrede in 1928. Het verscheen op de Nederlandse Nijverheidstentoonstelling, Nenyto genaamd, en dankte min of meer zijn ontstaan aan de rivaliteit tussen Amsterdam en Rotterdam. De eerste stad beleefde een grote Olympiade.
De tweede wilde niet achterblijven en zette de Nenyto op touw Een drie maanden durende tentoonstelling met als speciaal evenement: een permanente kermis ofwel Lunapark.
Zij gaf de volgende attracties te zien: helling-achtbaan, diverse andere zaken en een mini treintje in Oberbayernstijl getrokken door een stoomlocomotief. Met dit gezellige vervoermiddel konden de tentoonstellingbezoekers een trip maken over het gehele complex. Het werd een doorslaand succes.
Vele gemeenten in Nederland volgden het Rotterdamse voorbeeld en gingen er toe over om kermissen te organiseren. Lang niet overal evenwel, want in menige stad wensten de bestuurders geen toestemming voor een kermis te verlenen. Ondermeer was dit het geval in Amsterdam, Den Haag, Utrecht, Hilversum, Dordrecht, Amersfoort, Harderwijk, Beverwijk en Haarlem.
Grote kermisondernemers wendden zich tot de gemeentebesturen met het verzoek om een vergunning voor het houden van een lunapark, te bezoeken tegen betaling van een entreeprijs van 12 cent voor volwassenen en 6 cent voor kinderen. De netto opbrengst kwam ten goede aan een liefdadig doel. Later waren deze lunaparken gratis toegankelijjk.
Jarenlang ging dit goed. Op een gegeven moment kwamen diverse gemeentebesturen er achter dat zij ook zelf zo'n kermis konden gaan organiseren. Zij noemden dit dan een zomerfeest en zorgden er voor dat de gehele pachtopbrengst in de gemeentekas vloeide. Hierin is sindsdien geen verandering gekomen. Het gemeentelijk verpachtingsysteem, met vaak hoge prijzen voor het huren van een stukje openbaar terrein, speelt de exploitanten nog steeds parten.

Een Link naar school TV betreffende het ontstaan van de kermis:

http://www.schooltv.nl/beeldbank/clip/20060508_kermis01